Blog en nieuwste meldingen van Boers Advocaten
hoek

Coronaverweer treft doel. Faillissementsaanvraag afgewezen.

Recentelijk heeft de Rechtbank Amsterdam een faillissementsaanvraag van het pensioenfonds tegen een glazenwasserbedrijf afgewezen, ondanks het feit dat aan alle formele eisen van het faillissementsverzoek was voldaan.  

De casus

De heer Jansen (niet zijn echte naam) exploiteert een glazenwasserbedrijf. De Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor het Schoonmaak- en Glazenwasserbedrijf, (hierna: "Pensioenfonds") en de Stichting Raad voor Arbeidsverhoudingen Schoonnmaak – en Glazenwassersbranche (hierna: "RAS") hebben respectievelijk een vordering van € 5.900,00 en
€ 379,73 op Jansen. Deze vorderingen stammen deels uit 2019 en deels uit 2020.

De uitspraak

De rechtbank overweegt als volgt. Om te komen tot het oordeel dat Jansen in de toestand van te hebben opgehouden te betalen is komen te verkeren, is meer nodig dan enkel het bestaan van een vordering. Gebleken is dat Jansen de gevolgen van de coronacrisis in zijn bedrijfsvoering heeft gevoeld, vanwege de coronamaatregelen en de daarmee gepaard gaande beperkingen voor het verrichten van werkzaamheden. De rechtbank overweegt dat van Pensioenfonds en RAS verwacht mag worden dat zij een betalingsregeling zullen treffen, dan wel met een dergelijk voorstel tot het treffen zullen instemmen, die passend is bij de huidige economische situatie. Dit te meer nu Jansen al een reële betalingsregeling heeft voorgesteld en daarmee een betekenisvolle aanvang heeft gemaakt, door de afgelopen twee maanden steeds € 1.000,00 af te lossen. Het is dan ook redelijk te veronderstellen dat hij de komende maanden in staat zal blijken dit bedrag te blijven voldoen. In dit licht kan niet worden gesproken van de toestand van te hebben opgehouden te betalen.

Voorts overweegt de rechtbank dat er geen sprake is van een steunvordering van betekenis. Althans, dat daarover niets is aangevoerd. Weliswaar is sprake van een tweetal verzoekers, zodat formeel gesproken kan worden van pluraliteit van schuldeisers, de vordering van de tweede verzoeker – RAS – beloopt blijkens het verzoekschrift een bedrag van slechts € 379,73. De rechtbank is van oordeel dat dit bedrag onder de omstandigheden te gering is om te voldoen aan de vereisten die redelijkerwijs aan een steunvordering moeten worden gesteld.

Conclusie

In deze uitspraak is goed zichtbaar hoe de rechtbank, kennelijk ingegeven door sympathie voor de positie van Jansen, de regels van het faillissement oprekt om tot een redelijke beslissing te komen. Voor meer informatie hierover kunt u contact opnemen met insolventiespecialist Louis de Boef, via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. of bel naar 0318 - 52 24 04. 

Boers Advocaten bij Twitter
Boers Advocaten bij LinkedIn
Boers Advocaten bij Facebook
Schrijf ons een bericht.

Boers Advocaten gebruikt cookies om u een optimale gebruikerservaring te bieden.Niet akkoord? Klik hier voor meer informatie.