Wij kijken verder dan de zaak

Als er “opdrachtovereenkomst” boven staat, is het dan ook een overeenkomst van opdracht?

Geplaatst:  16 december 2022

Leestijd:  6 minuten

Er is al vele jaren discussie over de vraag wanneer er sprake is van een arbeidsovereenkomst en wanneer van een overeenkomst van opdracht. Het belang van het verschil is duidelijk. Bij een arbeidsovereenkomst gelden regels voor de beëindiging er van, regels voor vergoedingen en is er een sociaalrechtelijk vangnet. Ook wil de Belastingdienst dat degene die de vergoeding betaalt, daarvan al een deel als belasting afdraagt. Dat alles ontbreekt bij overeenkomsten van opdracht.

Invloed van de overheid

De overheid heeft getracht hier grip op te krijgen. In 2014 met een voorstel naar aanleiding van het afschaffen van de VAR (Verklaring Arbeidsrelatie), in 2016 uitmondend in de wet DBA (Deregulering beoordeling arbeidsrelaties). In het regeerakkoord van 2017 werd besloten de DBA af te schaffen, maar toen Rutte-III in januari 2021 viel was er nog geen alternatief. Ondertussen behielp de praktijk, waarin steeds meer zelfstandigen werkten, zich met modelovereenkomsten van de Belastingdienst. Dat ging niet altijd goed, zoals blijkt uit de rechterlijke uitspraken over Post.nl en Deliveroo.

Recente rechtspraak

Recentelijk op 17 oktober 2022 heeft de rechtbank Amsterdam geoordeeld dat een overeenkomst die door partijen uitdrukkelijk werd aangeduid als een overeenkomst van opdracht, toch een arbeidsovereenkomst was.

In deze kwestie ging het om een zogenaamde depothouder. Een aantal uitgeverijen had voor de distributie van haar kranten, dagbladen en reclamefolders, depothouders aangesteld, die in afgesproken wijken zorgen voor de distributie. In de gemaakte afspraken stond dat de depothouders werkten als zelfstandigen en ook zelf bezorgers dienden in te huren. Na anderhalf jaar zegden de uitgevers het contract op. Eén van de depothouders stelde zich echter op het standpunt dat deze opzegging niet rechtsgeldig was, omdat hij werkte op basis van een arbeidsovereenkomst.

Was hier sprake van een opdrachtovereenkomst of een arbeidsovereenkomst?

Om te beoordelen of deze opdrachtovereenkomst eigenlijk een arbeidsovereenkomst is, loopt de rechter de drie kenmerken van een arbeidsovereenkomst na: persoonlijke arbeid tegen betaling onder gezag van de ander. Het werken tegen betaling was geen discussie: dat gebeurde.

De uitgevers zeiden dat de depothouders zich mochten laten vervangen, en dat er dus geen verplichting was tot het persoonlijk verrichten van de arbeid. De rechter oordeelde echter dat zij zich weliswaar mochten laten vervangen maar dat zij dan niet waren vrijgesteld van hun verantwoordelijkheid. En bovendien konden zij zich feitelijk alleen laten vervangen door collega-depothouders. Die beperkte vervangingsmogelijkheid leverde dan ook niet op dat er géén arbeidsovereenkomst was.

De overblijvende vraag is of er sprake was van een gezagsrelatie. Ook dat was het geval, zei de rechter. Want: de uitgevers bepaalden in verregaande mate hoe de werkzaamheden dienden te worden uitgevoerd, de uitgevers deden de werving en selectie van de bezorgers, de uitgevers bepaalden de bonussen van de bezorgers, de wijze waarop de administratie moest worden gevoerd werd ook door de uitgevers bepaald en de uitgevers hadden een rayonmanager die er op toe zag dat de depothouders werkten volgens de richtlijnen van de uitgevers. Dat de depothouders geen vakantiedagen hadden, of pensioen, betekende volgens de rechter evenmin dat er geen arbeidsovereenkomst was.

Waar de rechter ook nog op wees is dat de activiteit van de depothouder een kernactiviteit is van de uitgevers; een onmisbare schakel in het bedrijfsproces van de uitgevers en ook om die reden de overeenkomst moet worden gezien als een arbeidsovereenkomst.

Deze laatste overweging is ontleend aan het advies dat de Advocaat-Generaal bij de Hoge Raad in de Deliveroo-kwestie heeft gegeven. Zij vindt het met name van belang dat een werker als werknemer (en dus niet als een ZZP-er) wordt beschouwd als het werk een wezenlijk onderdeel is van de onderneming.

Er zijn op dit moment, zeker in o.a. de bouw, zeer veel ZZP-ers aan het werk op basis van een modelovereenkomst van opdracht van de Belastingdienst, die volgens dit criterium wel degelijk een wezenlijk onderdeel van de onderneming vormen en dan eigenlijk werknemers zijn.

Of de Hoge Raad het advies van de Advocaat-Generaal in de Deliveroo-kwestie volgt zullen we eind december 2022 pas weten. Wat u als werkgever/opdrachtgever, of als opdrachtnemer/werknemer moet en kunt doen, zullen wij op de voet voor u volgen.

Let op! Vanaf 1 januari 2025 komt er een nieuwe wettelijke regeling, zie hier

Heeft u vragen over dit onderwerp? Neem dan gerust contact op met mr. Jan Brouwer via jbrouwer@boersadvocaten.nl of bel naar 0318 – 52 24 04.


Gekoppelde categorieën:


Terug naar overzicht

Onze advocaten helpen u graag verder. Wat kunnen we voor u doen?

Contact opnemen

Gerelateerde artikelen

Alle artikelen