Wij kijken verder dan de zaak

Hoe effectief is de nieuwe aanpak van ongevalsonderzoek?

Geplaatst:  10 juni 2026

Leestijd:  6 minuten

In 2024 hebben we in drie blogs beschreven hoe de Arbeidsinspectie in 2020 is gestart met een pilot om te komen tot een effectievere aanpak van het voorkomen van arbeidsongevallen. Dit heeft geleid tot de zogenoemde Gedifferentieerde Aanpak Ongevalsonderzoek (GAO), die sinds 2022 operationeel is.


De kern van deze aanpak is de “werkgeversrapportage, tenzij”-methode. Dit betekent dat bij een arbeidsongeval in principe een werkgeversrapportage wordt opgevraagd, tenzij er redenen zijn voor de Arbeidsinspectie om zelf het onderzoek uit te voeren.

In onze eerdere blogs gingen wij onder meer in op:


De nieuwe werkwijze is uiteindelijk per 1 januari 2023 ingevoerd. Het doel van de nieuwe werkwijze is om de bewustwording van veiligheids- en gezondheidsrisico’s binnen bedrijven te vergroten en werkgevers te stimuleren passende maatregelen te nemen om arbeidsongevallen te voorkomen.

Onderzoek naar de effectiviteit van de nieuwe werkwijze

Om het effect van deze nieuwe werkwijze te onderzoeken, zijn in 2025 en 2026 twee onderzoeken gedaan. In de eerste plaats een kwalitatief onderzoek, waarbij 39 interviews zijn gehouden met werkgevers, slachtoffers en collega’s van slachtoffers. Ten tweede is een kwantitatief onderzoek uitgevoerd, een update van een eerdere effectmeting uit 2024. 

Hieronder bespreken we zowel de positieve aspecten als de knelpunten van de werkgeversrapportage. De volgenden positieve punten zijn beschreven:

Meer leereffect binnen bedrijven

De geïnterviewden geven veelal aan dat het bedrijf door het arbeidsongeval zich veel meer bewust is geworden van veiligheidsrisico’s, wat aanleiding geeft om na te denken over betere werkwijzen die risico’s al in een vroeg stadium aanpakken. Verder noemen ongevalsslachtoffers dat alleen een boete opleggen geen leereffect heeft. De meeste bedrijven kunnen een geldboete makkelijk betalen, zodat ze daar verder niets van voelen en weer doorgaan op de oude voet, zonder dat er iets is veranderd. 

De Arbeidsinspectie als stok achter de deur

Ook het zogenaamde vier-ogen-principe, waarbij de Arbeidsinspectie achteraf meekijkt of het bedrijf de opgestelde maatregelen wel uitvoert, werkt goed. Als een bedrijf weet dat de Arbeidsinspectie nog een keer langskomt voor een vervolginspectie, staat er druk op en dat zorgt ervoor dat de plannen ook daadwerkelijk worden uitgevoerd. 

Verder wordt als positief ervaren dat medewerkers betrokken worden in het verbeterplan en er oog is voor hun ideeën over hoe je de werkvloer veiliger kunt maken. Vaak weten medewerkers namelijk beter of maatregelen haalbaar/uitvoerbaar zijn. Zo ontstaat er ook meer draagvlak voor de uitvoering van de maatregelen. 

Knelpunten van de werkgeversrapportage

Daarnaast zijn er de volgende knelpunten gesignaleerd: 

Onderaannemer/uitzendbureau niet betrokken

1. Tijdsbestek/tijdrovend

2. Risico op verbloemen ongevalssituatie

3. Kennis/expertise vereist voor werkgeversrapportage

4. Onderaannemer/uitzendbureau niet betrokken

Een nadeel is het korte tijdsbestek – de deadline van vijftien werkdagen – waarin de werkgeversrapportage aangeleverd dient te worden bij de Arbeidsinspectie. De indruk bestaat verder dat de Arbeidsinspectie minder controle heeft op het waarheidsgehalte van de werkgeversrapportage, dan wanneer de inspecteur zelf het volledige onderzoek doet.

Niet alle bedrijven beschikken over de nodige kennis en expertise, bijvoorbeeld als het gaat om interviewen en onderzoek doen. Dit wordt niet alleen genoemd door bedrijven die geen veiligheidskundige hebben en een externe partij hebben moeten inhuren, maar wordt ook opgemerkt door andere bedrijven die de werkgeversrapportage wel zelf uitvoerden. 

Een ander knelpunt dat genoemd wordt, is dat onderaannemers (‘derden’) of bijv. het uitzendbureau niet zijn betrokken bij de werkgeversrapportage, terwijl deze naar het idee van de slachtoffers soms wel een belangrijk aandeel hebben in het arbeidsongeval.

Werkt de nieuwe aanpak?

De resultaten in zijn algemeenheid laten echter zien dat de nieuwe werkwijze op veel vlakken haar vruchten afwerpt. Ten tijde van de vervolginspectie heeft een grote meerderheid van de bedrijven alle maatregelen die zij hadden voorgenomen in het verbeterplan uitgevoerd. Daarnaast implementeerde 39% van de bedrijven aanvullende maatregelen die niet vereist waren en het verbeterplan overstijgen. Dit wordt ondersteund door de waarneming van inspecteurs dat in de meeste bedrijven een verbetering of verandering van de bedrijfscultuur in gang wordt gezet, door het ongeval en het daaropvolgende onderzoek.

Een belangrijke conclusie uit de onderzoeken is dat de werkgeversrapportage veel bedrijven de aanzet geeft om hun veiligheidsbeleid te verbeteren en veiligheidsmaatregelen op de werkvloer door te voeren. Het kwalitatieve onderzoek laat vooral zien dat het lerend vermogen bij werkgevers gestimuleerd wordt. Er komt echter ook naar voren dat werkgevers in de praktijk zullen moeten blijven investeren in de veiligheidscultuur binnen het bedrijf om het positieve momentum voor veiligheid vast te houden, personeel te binden en dat het elkaar aanspreken op onveilig gedrag en intern toezicht belangrijke randvoorwaarden zijn.

Vragen over een arbeidsongeval?

Wilt u meer informatie of heeft u behoefte aan deskundige begeleiding bij een arbeidsongeval? Neem gerust contact op met onze
Letselschade advocaat mr. Eugénie Ponjee-Scheurwater via eponjee@boersadvocaten.nl of telefonisch via 06 19 36 11 36.


Gekoppelde categorieën:


Terug naar overzicht

Wilt u meer informatie of heeft u behoefte aan deskundige begeleiding bij een arbeidsongeval? Neem contact op met Eugénie

Letselschade

Gerelateerde artikelen

Alle artikelen